Nabestaanden

Bent u een nabestaande van een omgekomen mannelijke vluchteling die in de namiddag van 13 juli 1995 op de Dutchbat compound in Potočari verbleef? Dan kunt u een verzoek voor een schadevergoeding indienen.

U kunt een verzoek voor een schadevergoeding indienen als u

  • Echtgenote was van een slachtoffer toen hij overleed.
  • Een samenlevingsrelatie had met een slachtoffer van ten minste drie jaar toen hij overleed.
  • Een samenlevingsrelatie had met een slachtoffer van minder dan drie jaar toen hij overleed en uit deze relatie een kind is geboren.
  • Een kind bent van een slachtoffer.
  • Een ouder bent van een slachtoffer.
  • Een broer of zus bent van een slachtoffer.

Onder ‘toen hij overleed’ wordt verstaan ‘op 13 juli 1995’. De exacte datum van overlijden van een slachtoffer is doorgaans niet met zekerheid vast te stellen.

FAQ

Bent u een andere nabestaande en wilt u een verzoek indienen? U moet in dat geval aannemelijk maken schade te hebben geleden door het overlijden van een slachtoffer. We handelen dan naar bevind van zaken.

De commissie heeft een onafhankelijk onderzoek laten verrichten naar wie in de namiddag van 13 juli 1995 op de Nederlandse compound in Potočari verbleven. De uitkomst van het onderzoek biedt meer zekerheid over de identiteit van de omgekomen mannelijke vluchtelingen.

We gebruiken de onderzoeksresultaten bij de beoordeling van de verzoeken. U kunt in eerste instantie volstaan met het bijvoegen van een overlijdensakte van uw omgekomen familielid. U krijgt altijd de gelegenheid aannemelijk te maken dat uw familielid in de namiddag van 13 juli 1995 op de compound aanwezig was, ook als uw familielid in het onderzoek niet wordt genoemd.

Lees meer over het onderzoek

De commissie heeft een onderzoek laten uitvoeren naar het aantal en de identiteit van de mannelijke vluchtelingen die onder het Arrest vallen en waarvan de nabestaanden in aanmerking zouden kunnen komen voor een schadevergoeding. De belangrijkste informatiebronnen voor dit onderzoek waren bestaande namenlijsten van nationale en internationale organisaties. Deze lijsten zijn met elkaar vergeleken en getoetst aan recente gegevens van het Missing Persons Institute.